Solynta bestrijdt met aardappelrevolutie voedselschaarste

Het Wageningse bedrijf Solynta werkt aan een nieuwe manier om aardappelen te kunnen telen waarbij nauwelijks bestrijdingsmiddelen meer nodig zijn. Doordat er met zaden in plaats van met de traditionele pootaardappelen gewerkt wordt, is de kans op bederf uitgesloten, blijft de kwaliteit van het teelmateriaal altijd optimaal en is transport vele malen eenvoudiger en goedkoper. Ideaal dus om de stijgende voedselschaarste, zeker in ontwikkelingslanden, te bestrijden.

In ontwikkelingslanden komt de aardappelteelt echter maar moeizaam van de grond, onder meer doordat hele vrachten pootaardappelen (waar aardappelen traditioneel mee gekweekt worden) soms lang en ongekoeld op verlaten kades blijven staan, waardoor de lading verrot.

Missie

Bovendien is het alsmaar natelen van aardappelen volgens die traditionele manier niet goed voor de kwaliteit van de aardappel. “Vergelijk het met het steeds een kopietje van een kopietje maken”, aldus directeur Hein Kruyt. “Je product wordt steeds slechter.” Omdat aardappelen het vierde gewas in de wereld zijn en er alleen al in Nederland meer dan de helft van de bestrijdingsmiddelen bij het oogsten van aardappelen gebruikt wordt is het wat Kruyt betreft hoogst noodzakelijk naar andere manieren van telen te kijken, zeker in ontwikkelingslanden. Tel daarbij op de groeiende bevolking in die landen en de toenemende honger, en het plaatje is compleet. De missie van het bedrijf is dan ook om een wezenlijke bijdrage te kunnen leveren aan de strijd tegen de voedselschaarste.

Opbrengst

Toch ging die bijdrage niet over één nacht ijs, vertelt Kruyt. Een project in Congo, dat via een Wageningse student als proefveld werd gestart, bood echter het bewijs dat Solynta het bij het rechte eind had. Kruyt laat een grafiek zien waarbij de minst goed presterende zaadjes uit die proef het al even goed doen als de traditioneel gepote Afrikaanse aardappelen; terwijl de best presterende zaadjes twee tot drie keer zoveel opbrengst bleken te leveren.

Samenwerking

Met eigen geld en een ondersteuning via Oost NL uit het Innovatie- en Investeringsfonds van Gelderland werd Solynta in 2007 gestart. In het begin nog klein; momenteel werken er echter al 45 mensen. Er is veel samenwerking met onder meer de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen (HAN), de Landbouwuniversiteit Wageningen en de Radbouduniversiteit in Nijmegen vanwege de daar aanwezige kennis.

Nationaal icoon

Kruyt verwacht de eerste eetbare aardappelen in 2019 of 2020 in Afrika te kunnen oogsten. Daarna wil hij in Oost-Europa gaan zaaien, en daarna in West-Europa. Sinds de oprichting van het bedrijf is er uitgebreid getest in het bedrijf en de kassen die in het Gelderse Ressen staan om het concept te optimaliseren. En met succes: in 2014 werd Solynta voor haar inspanningen benoemd tot nationaal icoon.

Zaadje

Kruyt werkte met zijn drie medeoprichters Johan Trouw Theo Schotte en Pim Lindhout hiervoor bij De Ruiter Seeds, een van de grootste tomatenveredelingsbedrijven ter wereld. Het is recent onderdeel van Bayer geworden. In die periode ontdekte Lindhout dat er een parallel bestond tussen het veredelen van tomaten en aardappelen; het bleek het zaadje voor het later op te richten Solynta.